lotgenoten in kunst

 

Lotgenoten in kunst | Terug naar Index >

2 fragmenten || "Kinderschrik" || Auteur: Josef Willems

 

 

...

Op het schoolplein groeten we kinderen en ouders. Hoe vertrouwd kun je je tussen mensen voelen, terwijl je weinig of niets van elkaar weet. Ik mag haar nog naar binnen brengen. Samen haar jas aan de kapstok hangen. Na het vaste ritueel van handen schudden met meester van Zeventer komt het moment van loslaten. Haar achterlaten kost mij sinds de laatste zomervakantie ineens moeite. Iets wat mij elke dag opnieuw verrast, en wat ik maar niet kan duiden, hooguit als een onbestemde angst dat haar iets zal overkomen. En zij voelt dat. En kan mij daarom weer niet laten gaan. Het is alsof ik in jaren met haar meegroei, mijn eigen ontwikkeling nog eens overdoe. En iets van mijzelf onder ogen moet zien nu zij acht jaar is. Iets wat helemaal niet van haar is. Wat niet eens van haar mag zijn.

Als ik haar ‘s middags van school haal ben ik opgelucht als ze blij naar buiten komt en onze ogen elkaar vinden. We gaan te voet de weg naar huis terug. Hoog gezeten op mijn schouders, haar handen in mijn haar, mijn handen stevig om haar enkels. Haar blik is naar boven gericht. Op zoek naar een verder weg. Zij ziet de glazenwasser op zijn ladder, op vier hoog balancerend op één been, een zwenkende hijskraan aan de horizon, die een nieuw gebouw elke dag een stukje verder uit de grond lijkt te trekken. Vliegtuigen die oplichtende en soms elkaar kruisende condenssporen trekken op weg naar hun bestemming. Ze volgt ze. Wil weten hoe het elders is. Als een kleine wereldburger die droomt van haar toekomstige ontdekkingreizen, en tegelijkertijd bevreesd is voor de weidsheid van haar interesse. Ik bepaal ondertussen de koers op aarde, laverend tussen het verkeer. Zo houden we elkaar in evenwicht.

...

Ik verbleek als de deur opengaat en hij binnenkomt. Hij is wel de laatste die ik als gast had verwacht. De allerlaatste die ik zelf zou hebben uitgenodigd. Gehuld in rode mantel, mijter op het hoofd, en vergezeld van een zwarte knecht in goudgebiesde pofbroek. Terwijl iedereen vol verwachting naar mij kijkt, lach ik vriendelijk terug, en verlang er naar onzichtbaar te zijn. Het tweetal komt dichterbij, en ik probeer houvast te vinden door te doorgronden wie zich in de Sinterklaasvermomming bevindt. Hij heeft een enorme neus. Behalve mijn broer en mijn oom Maarten ken ik eigenlijk niemand met zo’n joekel. Bovendien staat mijn broer daar in de feestende menigte, en mijn oom is al zeker twintig jaar dood. De verwarring wordt alleen maar groter als ik in Zwarte Piet mijn vriend Koen herken. Koen die ronddobbert op de Waddenzee.

Met een schok realiseer ik me de mogelijkheid van een samenzwering. Ik vraag mij af of iedereen medeplichtig is, of alleen Jetta, Koen, en de onbekende die Sinterklaas speelt. De vele verraste gezichten om mij heen stellen mij enigszins gerust, en ik kan weer glimlachen. Sint en Piet hebben het podium nu bereikt, en klimmen erop. Het podium van Mateus! Sint neemt plaats in een grote zwarte zetel die ik ook al niet ken.

Hij verzoekt mij dichterbij te komen. Ik wil niet, maar durf niet te weigeren. “Kom eens wat dichterbij, je bent toch niet bang voor me?” Ik sta nu vlak voor hem. Gevangen in het aantrekkingsveld van de magneet die gevaar heet.

Wanneer Sint mij vastpakt en bij zich op schoot trekt voel ik mijn glimlach verstarren. Angstzweet gutst over mijn rug en maakt mijn overhemd in luttele seconden drijfnat. Iedereen ziet het, verdomme, iedereen kijkt dwars door mij heen. Sint praat maar door, er komt geen eind aan. Zijn mond beweegt vlak naast mijn oor, ik versta hem niet meer. Hoor een zalvende toon die probeert mij in te palmen.

De bedompte geur die uit de mantel opstijgt voert mij onverbiddelijk terug naar de beelden van een open geknoopte toog, smoezelig gelig ondergoed. Zweetdruppels parelen op zijn bovenlip, een zwart met zilveren crucifix bungelt verloren aan een koord om zijn hals. Zurig bedorven walmen blazen met elke uitademing in mijn rechteroor. Zijn plakkerige wang schuurt langs de schraal aanvoelende huid in mijn nek. In een flits zie ik hem weer staan, na afloop van de Mariaviering, kameraadschappelijk pratend met mijn vader, bij de uitgang van de school. De blik van verstandhouding die zij glimlachend uitwisselden terwijl ik aan kwam lopen, vervulde mij met trots. Zij gebaarden dat ik dichterbij mocht komen, en frater Victorino legde zijn hand op mijn hoofd. Het gaf een fijn gevoel. Via mijn veel te wijde korte broek neemt diezelfde hand nu dwingend en ruw bezit van mij. Terwijl ik beklemd sta tussen zijn armen, perst zijn zwetend hijgend lichaam mijn gezicht tegen de gelakte houten lessenaar.

Waarom kom je nu in mijn hoofd, papa? Het is beter dat je weggaat. Dat je me nu niet ziet. Je zou je zo schamen. Wat zou ik tegen je moeten zeggen.

Zijn hand wringt zich tussen mijn billen. Mijn blik zuigt zich vast aan het vlammenpatroon in het hout. Een knoest in de vorm van een muizenhol, waardoor ik zou willen verdwijnen. Weg...weg! Ik verwacht elk moment de brandende pijn opnieuw te voelen. Ik knijp mijn ogen zo stijf dicht, dat rode en gele vuurballen heen en weer flitsen. Mijn spieren spannen zich in uiterst verzet. Vastbesloten om niemand ooit nog binnen te laten, voor eeuwig op slot, en klaar om te vluchten. Als ik nu op mijn zestigste verjaardag alsnog wegren durf ik niet meer terug te keren. Dan is alles voor niets geweest.

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

© 2016 / Josef Willems / Stichting Klokk.
Kopiëren, (her-)publiceren, al dan niet in gewijzigde vorm, van de inhoud van deze website: te weten tekst, beeld, geluid en video is onder geen enkele voorwaarde toegestaan. Voor meer informatie: secretariaat@klokk.nl

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -

Klokk biedt lotgenoten een digitale expositieruimte om hun individuele kunstuitingen te tonen.
Schilderijen, tekeningen, beelden, gedichten, verhalen. Fotografie, film, dans, muziek.

Exposeren mag anoniem, of onder pseudoniem.

Bent u lotgenoot, en heeft u zelf de wens uw werk te laten zien?
Stuur een e-mail naar secretariaat@klokk.nl

Kent u lotgenoten die mogelijk interesse hebben om te exposeren? Maak hen attent op deze mogelijkheid.

U kunt gebruik maken van onze rss-feed om op de hoogte te bijven van nieuwe exposities.

> rss-feed

> Terug naar de overzichtspagina